Inloggen

Zwangerschapskalender

Week voor week verandert er van alles in jouw lichaam én in de wereld van je kindje. Onze zwangerschapskalender neemt je mee door alle 40 weken — van de eerste celdeling tot de geboorte.

Hoe werkt de zwangerschapskalender?

Een zwangerschap duurt gemiddeld 40 weken, maar die worden geteld vanaf de eerste dag van je laatste menstruatie — niet vanaf de bevruchting. Dat klinkt verwarrend, maar het is de standaard die verloskundigen en gynaecologen wereldwijd gebruiken. De bevruchting vindt doorgaans pas in week twee of drie plaats.

De kalender is verdeeld in drie trimesters: het eerste (week 1–12), het tweede (week 13–27) en het derde (week 28–40). Elk trimester heeft zijn eigen kenmerken, uitdagingen en mijlpalen. Gebruik de weekpillen bovenaan de pagina om direct naar jouw week te springen.

Het eerste trimester (week 1–12)

In het eerste trimester vormen zich de belangrijkste organen van je baby: het hart begint al in week vijf te kloppen, en tegen week twaalf zijn alle organen aangelegd. Van buitenaf is er nog weinig te zien, maar van binnen is het een drukte van belang.

Voor jou is dit vaak de zwaarste periode: vermoeidheid, misselijkheid en gevoelige borsten zijn veelvoorkomende klachten. Je lichaam maakt overuren om het zwangerschapshormoon hCG aan te maken. Rond week twaalf neemt dit doorgaans af — en daarmee ook de misselijkheid.

Het tweede trimester (week 13–27)

Veel vrouwen ervaren het tweede trimester als de fijnste periode van de zwangerschap. De misselijkheid is voorbij, je energieniveau stijgt, en je buik wordt zichtbaar. Rond week twintig voel je de eerste bewegingen van je baby — een van de meest bijzondere momenten van de hele zwangerschap.

Rond week twintig is ook de grote echo, waarbij de verloskundige of echoscopist de organen en groei van je baby in kaart brengt. Je kunt er ook voor kiezen om het geslacht te weten te komen. Geniet van deze periode — je ziet er stralend uit en voelt je (hopelijk) goed.

Het derde trimester (week 28–40)

In het derde trimester groeit je baby snel en neemt hij of zij steeds meer ruimte in. Je buik wordt groot, slapen wordt lastiger en je kunt last krijgen van rugpijn of bekkenklachten. Tegelijkertijd groeit de opwinding: de geboorte komt dichterbij.

Gebruik deze weken om je voor te bereiden: pak de bevallingstas in, bespreek het geboorteplan met je verloskundige en zorg dat de babykamer klaar is. Je baby is al volledig gevormd en oefent nu met ademhalen, zuigen en slapen — klaar voor de wereld.

Lees ook

→ Uitgerekende datum berekenen→ De eerste symptomen→ Geboorte voorbereiden